We brengen met z’n allen steeds meer tijd zittend door. Zeker sinds de opkomst van hybride- en thuiswerken is de hoeveelheid ‘zituren’ enorm gestegen. Uit onderzoek blijkt dat thuiswerkers gemiddeld ruim twee keer langer zitten dan collega’s die op kantoor werken. Dat is een zorgelijke ontwikkeling, want langdurig zitten vergroot de kans op gezondheidsproblemen zoals diabetes type 2, hart- en vaatziekten en rugklachten.
En wat blijkt? Zelfs wanneer werkgevers aansporen tot meer beweging, blijven werknemers vaak stug zitten berichtte Accountant.nl onlangs. Er zijn landelijke initiatieven om mensen meer in beweging te krijgen, maar tijdens de werkdag valt dit voor velen toch niet mee. Tijd dus om je vitaliteitsbeleid kritisch te bekijken.
Waarom zitten zo hardnekkig is
Zitten voelt productief: achter je laptop, in meetings of tijdens online calls. Het is de standaard werkwijze geworden, vooral bij kenniswerkers. ICT’ers zitten van alle werknemers het meest. Ook werknemers in bedrijfseconomische en administratieve functies, zoals accountants, zitten veel tijdens hun werkdag. Op veel (thuis)werkplekken is op die manier een cultuur ontstaan waarin ‘aanwezig zijn achter je scherm’ gelijk staat aan werken. En juist dáár wringt het.
Productiviteit of vitaliteit?
Vooral als je thuiswerkt, verwachten collega’s dat je bereikbaar bent. Dat is logisch. Want op het moment dat je niet achter je scherm zit, ben je dus niet aan het werk. In discussies valt dan al snel het woord dagdieverij: tijd stelen van de baas door tijdens werktijd een wasje draaien of kinderen van school halen. Vanuit strikt productiviteitsoogpunt lijkt dat misschien ongewenst en kan zelfs een reden zijn voor ontslag.
Maar juist dit soort (kleine) onderbrekingen thuis zorgt er wel voor dat mensen opstaan en bewegen. Waar ze op kantoor even bij het koffieapparaat blijven staan of voor overleg naar een collega lopen, zijn er thuis vrijwel alleen niet-werkgerelateerde onderbrekingen. Hoe kom je toch aan de benodigde beweging? Juist even naar buiten lopen, een kleine huishoudelijke taak doen of een korte pauze nemen om kinderen te halen, kunnen bijdragen bij aan een gezondere balans. Is het misschien tijd om dit niet langer als tijdverlies zien, maar als natuurlijke momenten van vitaliteit?
Wat kun je als werkgever doen?
Geef het goede voorbeeld: stimuleer mensen om korte pauzes te nemen, benoem hoe ze dit kunnen doen én doe het zelf ook.
Vertrouw op output, niet op schermtijd: beoordeel medewerkers op resultaten in plaats van op ‘uren achter de laptop’, ook wanneer ze niet op kantoor zijn.
- Geef aan wat je verwacht: Tegen een wandeling tijdens de lunchpauze zal geen enkele werkgever bezwaar maken. Maar een yogales onder werktijd ligt misschien een stuk gevoeliger. Waar ligt jouw grens, wat kan wel en wat niet? Ga hierover in gesprek met je mensen.
Faciliteer vitaliteit: inventariseer waar mensen behoefte aan hebben en faciliteer dit waar mogelijk. Bied thuiswerkers tips of middelen, zoals een verstelbaar bureau of een reminder-app die waarschuwt als iemand te lang stilzit.
Wat betekent dit voor jou als werkgever?
Vitaliteit is geen luxe, maar een noodzaak voor duurzame inzetbaarheid. Door anders te kijken naar werktijd en beweging, creëer je niet alleen gezondere medewerkers, maar ook een productievere organisatie. Hybride werken vraagt om vertrouwen én om beleid dat zitgedrag doorbreekt.
Wil je meer lezen? Misschien vind je deze artikelen ook interessant:
Jonge medewerkers willen flexibiliteit | Van Berkel Werkt
Thuiswerken: Tips voor werkgevers | Van Berkel Werkt
